OpenAI heeft op 30 juli de prijzen van twee GPT-5.6 modellen verlaagd: Luna ging met 80% omlaag en Terra met 20%. Bedrijven zijn voorzichtiger geworden door oplopende AI-kosten.
Deze prijsverlagingen komen drie weken na de lancering van GPT-5.6. Ze laten zien dat bedrijven steeds meer letten op hun uitgaven. Goedkopere Chinese concurrenten, zoals Kimi K3 van Moonshot AI en GLM-5.2 van Z.ai, verhogen die druk.
Een prijzenslag met grote gevolgen
De inputprijs van Luna daalde naar 20 cent per miljoen tokens, terwijl dat eerst $1 was. Voor output ging de prijs van $6 naar $1,20. De tarieven van Terra gingen omlaag naar $2 en $12 per miljoen tokens, daarvoor waren ze $2,50 en $15. Sol, het vlaggenschipmodel van OpenAI, bleef op dezelfde prijs.
De kortingen volgen na jaren waarin bedrijven volop geld uitgaven aan AI. Werknemers noemden deze trend tokenmaxxing, waarbij AI vrij werd gebruikt zonder op de kosten te letten. Financiële afdelingen willen nu eerst duidelijk rendement zien voordat er nieuwe AI-budgetten komen.
Kosten verlagen om winst te maken?
OpenAI noemt deze stap een efficiëntieverbetering, niet een verdediging. OpenAI legde uit:
“Onze strategie blijft gericht op het verbeteren van zowel mogelijkheden als efficiëntie, zodat elke generatie van intelligentie meer werk kan doen tegen lagere kosten.”
Het moment is toch belangrijk. Chinese AI-modellen winnen dit jaar terrein op Anthropic en OpenAI. Ze bieden lagere prijzen. Het middelste model van Anthropic, Claude Sonnet 4.6, kost per token nog altijd meer dan de afgeprijsde Terra.
Analisten zeggen dat lagere prijzen kunnen zorgen voor meer gebruik van de modellen van OpenAI en Anthropic. Maar het kan ook de winstmarges verkleinen, waar investeerders op letten nu beide bedrijven nadenken over een mogelijke beursgang. Het winnen van prijsgevoelige klanten en het tonen van winstgevendheid aan toekomstige aandeelhouders zijn tegengestelde belangen.
Steeds meer beursgang-druk
Prijsverlagingen kunnen OpenAI op twee manieren helpen of juist hinderen bij een beursgang. Grotere adoptie laat bankiers zien dat het groeiverhaal klopt. Voor een beursgang telt groei in omzet en gebruik vaak zwaarder dan winstmarges op korte termijn. Door nu prijsgevoelige zakelijke klanten binnen te halen, voordat ze overstappen naar goedkopere Chinese alternatieven, beschermt OpenAI het marktaandeel dat zo belangrijk is voor de waardering bij een beursgang.
Het geeft het bedrijf ook de kans om te wijzen op efficiëntieverbeteringen (lagere kosten per taak) als bewijs dat hun technologie volwassener wordt in plaats van alleen duurder.
Toch willen beursinvesteerders uiteindelijk een overtuigend pad naar winst zien. Lagere inkomsten per token bij een al dunne winstmarge maken het lastiger om dat pad te laten zien in de beursstukken.
Als de vraag naar Terra en Luna niet genoeg groeit om de lagere prijzen te compenseren, verdwijnen de prijsverlagingen vooral als minder omzet, niet als lagere kosten. Juist dat soort cijfers valt op in de controle tijdens een beursgang.
Of de kortingen deze spanning oplossen of alleen uitstellen blijft nu nog onduidelijk. Bij de volgende kwartaalcijfers van OpenAI, wanneer het gebruik van Terra en Luna zichtbaar wordt, komt waarschijnlijk het eerste antwoord.









