Toen Washington China blokkeerde om geavanceerde chips te kopen, was het doel om de AI-ambities van Peking af te remmen. Maar misschien heeft dit die plannen juist versneld.
CXMT Corp, een geheugenchipmaker die vroeger afhankelijk was van buitenlandse technologie, maakte vorige maand zijn debuut op de STAR Market in Shanghai en steeg met 466% in slechts één handelsdag. Het aandeel werd meer waard dan de Industrial and Commercial Bank of China en werd zo het waardevolste bedrijf op de beurs. CXMT haalde $9,8 miljard op, een van de grootste IPO’s in China van de afgelopen jaren. Met deze opbrengst investeert Peking in extra chipcapaciteit, wat nodig is om de AI-race te winnen.
Van beperking naar katalysator
Amerikaanse exportcontrole sloot China af van de halfgeleiders die nodig zijn voor AI-systemen. De gedachte was simpel: zonder geavanceerde chips zou China geen AI-leider kunnen worden. Toen Washington de beperkingen aankondigde op de export van AI-chips naar China, waren ze gericht op bedrijven als Nvidia, AMD en hun opvolgers. Maar het gevolg was volgens CXMT, dat China ging bouwen in plaats van kopen.
Peking zette alles in het werk om het snel te laten verlopen. CXMT ging van aanvraag tot beursnotering in minder dan acht maanden via een versnelde beoordelingsprocedure voor strategisch belangrijke bedrijven, terwijl dit normaal jaren duurt. Toen technologieaandelen gingen dalen in juli en de beursgang in gevaar kwam, grepen toezichthouders en staatsfondsen binnen enkele dagen in om het sentiment te herstellen.
Chris Miller, auteur van Chip War en professor aan de Tufts University, erkende de situatie. “Amerikaanse bedrijven hadden meer toegang tot kapitaal, maar de financieringskosten lopen op,” zei hij tegen Bloomberg. Chinese rekenkracht is nog altijd duurder omdat chips uit eigen land nog achterlopen in kwaliteit, maar het verschil wordt steeds kleiner.
Het kostenvoordeel dat Amerika niet zag aankomen
Peking veranderde ook de manier van financiering voor deze race. China steunde vroeger strategische sectoren vooral met subsidies en staatsleningen. Nu gebruikt het het $26 biljoen aan spaargeld van huishoudens, het grootste privékapitaal ter wereld.
Chinese technologiebedrijven leenden dit jaar gemiddeld tegen een rente van 1,9%, meer dan 300 basispunten lager dan Amerikaanse concurrenten die 5,25% betalen. Dit is het grootste verschil sinds minstens 2015. Dat kostenvoordeel telt elk kwartaal steeds zwaarder mee.
De lijst met aankomende beursgangen na CXMT is lang. DeepSeek overweegt een notering met een waardering van $71 miljard. Moonshot AI, bekend van het Kimi K3-model dat Silicon Valley opschudde, gaat naar de beurs in Hongkong. Z.AI en MiniMax volgen daarna. Volgens UBS kosten toonaangevende Chinese AI-modellen minder dan 10% van wat OpenAI en Anthropic uitgeven aan training. De API-prijzen van grote Chinese modellen zijn minder dan 20% van die van vergelijkbare wereldwijde aanbieders.
Washington wilde de opties voor China beperken. Maar misschien heeft het Peking juist gedwongen om betere alternatieven te bouwen.









