President Donald Trump kondigde op 1 mei 2026 nieuwe tarieven van 25% aan op auto’s en vrachtwagens uit de Europese Unie. Hij presenteerde deze verhoging als handhaving van het handelsakkoord van juli 2025. Sommige waarnemers denken dat Europa’s houding tegenover Iran ook een rol heeft gespeeld.
De tarieven gaan volgende week in en gelden niet voor voertuigen die in Amerikaanse fabrieken zijn gebouwd. Vooral Duitsland en Italië lopen het meeste risico, terwijl Brussel nog niet heeft bevestigd of het zal reageren op deze stap van de Republikeinse president.
Handelsakkoord-ruzie zorgt voor tariefverhoging
Trump zei op Truth Social dat de EU het “volledig overeengekomen handelsakkoord” niet naleeft. Daarmee bedoelt hij het Turnberry-akkoord dat in juli 2025 werd getekend. In dat akkoord waren de Amerikaanse invoerrechten op Europese auto’s verlaagd van 25% naar 15%.
“Het tarief wordt verhoogd naar 25%. Het is volledig duidelijk en akkoord dat als ze auto’s en vrachtwagens in fabrieken in de VS maken, er GEEN TARIEF komt,” schreef hij in de post.
Vooral Duitsland wordt hierdoor hard geraakt. Ongeveer 24% van de Duitse auto-export gaat naar de Verenigde Staten. BMW, Mercedes-Benz en Volkswagen zijn sterk afhankelijk van de Amerikaanse markt. Italiaanse merken zoals Ferrari en Stellantis worden minder, maar wel degelijk getroffen.
Trump noemde meer dan $100 miljard aan nieuwe investeringen in Amerikaanse autofabrieken. Volgens hem stimuleren de tarieven autofabrikanten om in de VS te bouwen.
Speculatie over Iran geeft politieke lading
Terwijl de markten de gevolgen van Trumps tariefbesluit verwerken, speculeren sommigen dat het verband houdt met Amerikaanse druk op Europa over Iran.
“Europa heeft Amerika net een mes in de rug gestoken. Macron, Starmer & Duitsland riepen: ‘Niet onze oorlog!’ en weigerden de VS te steunen tegen Iran — terwijl Amerika decennialang de NAVO droeg. Ze gaven Trump de PERFECTE reden om de NAVO op te blazen en ‘America First’ te kiezen. De zwakte en ondankbaarheid van Europa hebben eindelijk de kip met de gouden eieren gedood. We kunnen alleen onszelf de schuld geven,” reageerde een gebruiker.
De EU (en de meeste grote Europese landen) hebben grotendeels afwijzend of terughoudend gereageerd op de oproepen van Trump voor rechtstreekse militaire steun in het Iran-conflict, vooral rondom de Straat van Hormuz.
- Duitsland: Wilde niet meedoen aan militaire operaties. Minister van Defensie Boris Pistorius zei: “Dit is niet onze oorlog, wij zijn er niet aan begonnen.”
- Frankrijk: President Emmanuel Macron noemde gedwongen heropening ‘onrealistisch’ en bekritiseerde de VS vanwege onduidelijk beleid.
- VK en andere landen: Vergelijkbare terughoudendheid; sommigen wilden alleen na het conflict of diplomatiek helpen, maar niet militair ingrijpen als er nog gevochten werd.
- Bredere EU/NAVO: Geen gezamenlijke militaire actie. Sommige landen beperkten naar verluidt het Amerikaanse gebruik van bases of doorkooprechten voor Iran-operaties.
Aanvankelijk overwoog president Trump om Amerikaanse troepen terug te trekken uit NAVO-landen die volgens hem “niet behulpzaam” zijn in het Iran-conflict.
Minister van Buitenlandse Zaken Marco Rubio gaf aan dat de regering de waarde van de NAVO opnieuw zou moeten beoordelen.
Trump zelf noemde sommige bondgenoten eerder “lafaards” en zei dat de NAVO een “papieren tijger” is.
Eerder dreigde hij met tarieven van 25% voor landen die zaken doen met Teheran. Ook bracht hij de mogelijkheid van 50% tarieven ter sprake voor landen die het Iraans regime bewapenen.
In het bericht van vrijdag verwijst de president niet direct naar Iran in zijn Truth Social-post. Daar wordt alleen gesproken over het EU-handelsakkoord en investeringen in Amerikaanse fabrieken.
Markten en EU-leiders zullen goed letten op eventuele verduidelijking vanuit het Witte Huis.
Brussel is nu aan zet. In eerdere handelsruzies stelde de EU al vergeldingslijsten op. Of Europese leiders dit als onderhandelingstactiek zien of als reden voor escalatie, bepaalt het tempo van een mogelijk nieuw akkoord.





